Net als in 2015 richtte ons personeelsbeleid zich in 2016 vooral op het voorbereiden van onze medewerkers op het vernieuwde toezicht. Het reguliere werk ging gewoon door en de eerder opgelegde taakstelling moest worden gerealiseerd. De werkdruk was daarom een belangrijk aandachtspunt. Het ziekteverzuim is in 2016 licht gedaald ten opzichte van 2015. We kregen een positieve tussentijdse beoordeling in het kader van de ISO-certificering.

Sturing

Sturing vindt sinds 2016 plaats in drie lagen: inspectieleiding, directeuren en afdelingshoofden.

De inspectieleiding bestond in 2016 uit:

Het managementteam van de inspectie bestaat uit de inspectieleiding en de directeuren:

  • drs. Rutger Meijer, directeur toezicht primair onderwijs
  • drs. Hariët Pinkster, directeur toezicht voortgezet onderwijs
  • drs. Christa Broeren, directeur toezicht speciaal onderwijs
  • mr. drs. Gerard Bukkems, directeur toezicht middelbaar beroepsonderwijs
  • drs. Erik Martijnse, directeur toezicht hoger onderwijs
  • dr. Bert Bulder, directeur kennis
  • drs. Jeroen van Wingerde RA, directeur rekenschap & juridische zaken
  • drs. Cas Teijssen, directeur beleidsondersteuning en organisatie

De directies primair onderwijs, speciaal onderwijs en kennis maken deel uit van de portefeuille van de hoofdinspecteur. De directies voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs, hoger onderwijs, bestuursondersteuning en rekenschap & juridische zaken maken deel uit van de portefeuille van de inspecteur-generaal.

Personeelsbeleid

Ook in 2016 richtte ons personeelsbeleid zich vooral op het voorbereiden van onze medewerkers op het vernieuwde toezicht en een andere manier van werken. Bij het vernieuwde toezicht hoort een organisatie waarin de verantwoordelijkheden zo laag mogelijk zijn belegd en waarin ruimte is voor medewerkers om verantwoordelijkheid te nemen. Daarom hebben we in 2016 een ander sturingsmodel ingevoerd. Medewerkers willen we zo in staat stellen hun professionele ruimte te benutten. Dat doen medewerkers overigens niet alleen, maar vooral in en met hun teams. De teams bieden de basis waarbinnen medewerkers zich kunnen ontwikkelen. We hebben in 2016 ook nieuwe afdelingshoofden benoemd en zijn gestart met een nieuw leiderschapstraject.

Het ziekteverzuim is in 2016 gedaald naar 4,0%. Om een verdere daling te realiseren hebben we een aantal acties in gang gezet. We hebben een periodiek medisch onderzoek laten uitvoeren, een analyse van het verzuim laten opstellen en een analyse van de factoren voor werkdruk uitgevoerd. Met de uitkomsten en aanbevelingen gaan we komend jaar aan de slag. Ook hebben we een aantal specifieke workshops voor leidinggevenden georganiseerd. 

Het personeelsbestand is in 2016 gedaald. Op 31 december 2016 waren er 544 medewerkers in dienst. De gemiddelde leeftijd steeg in 2016 naar 50,4 jaar.

Personeelsbestand

Personeelsbestand
201120122013201420152016
Bezetting in personen529524567595583544
Bezetting in fte487482535552537499
Gemiddelde leeftijd49,349,649,248,949,450,4
Ziekteverzuim (%)4,24,34,34,74,44
Vrouwelijke werknemers (%)626362626262
Gemiddelde (rijks)dienstjaren12,312,31211,912,513,2
Brontabel als csv (318 bytes)

Veiligheid en integriteit van ons personeel

In 2016 hebben onze vertrouwenspersonen net als in 2015 acht meldingen geregistreerd: vijf over ongewenst gedrag en drie over integriteit. De aard van de meldingen ligt evenals in eerdere jaren vooral op het terrein van verstoorde arbeidsverhoudingen tussen medewerker en leidinggevende. Daarnaast speelde er een vierde integriteitskwestie die rechtstreeks door de leidinggevende is afgehandeld.

Certificering ISO 9001 norm

De inspectie beoordeelt de kwaliteit en kwaliteitszorg van onderwijsinstellingen. Daarom vinden we dat we ook kritisch moeten laten kijken naar ons eigen werk. Dat gebeurt door een onafhankelijke partij. In 2015 heeft Bureau Veritas ons tegen de ISO norm 9001:2008 gecertificeerd.

In november 2016 heeft Bureau Veritas een eerste tussentijdse beoordeling uitgevoerd om na te gaan of wij blijvend aan de ISO norm voldoen. De beoordeling was positief: er zijn geen zogenaamde non-conformiteiten geconstateerd. Geconcludeerd werd dat de inspectie een sterke focus legt op zorgvuldigheid en dat de veranderingsprocessen beheerst verlopen.

Informatiebeleid

We hebben het informatiebeleid op verschillende punten ontwikkeld. Daarbij zoeken we aansluiting bij andere inspecties en Rijksbrede informatievoorzieningen. Zo hebben we in 2016 de website overgebracht naar het PRO-platform van Algemene Zaken. Daarnaast is het vernieuwde internetportaal voor informatie-uitwisseling met besturen en scholen in gebruik genomen. Ook is de kwaliteit van de data verder verbeterd en maken we de data steeds meer als open data openbaar via de pagina www.onderwijsinspectie.nl/onderwijsdata.

Begroting en realisatie

Voor 2016 heeft de inspectie aanvankelijk een begroting vastgesteld van € 64,2 miljoen. Door mutaties in het boekjaar bedroeg het beschikbare budget voor 2016 uiteindelijk € 64,4 miljoen. De inspectie heeft het jaar afgesloten met een onder-uitputting van € 0,3 miljoen.

De grootste mutaties in 2016 betroffen ingeboekte taakstellingen van in totaal € 0,48 miljoen, een loon- en prijsbijstelling van € 1,5 miljoen en een kasschuif naar 2017 van € 1,2 miljoen. De kasschuif vond plaats met name vanwege vertraging van de realisering van ICT-werkplekken en vanwege de beëindiging van het programma Continuïteitstoezicht.

In onderstaande tabel staat een overzicht van de verschillende kostensoorten.

Kostensoorten

Kostensoorten
KostensoortBegroting 2016Realisatie 2016Percentage budget
Personeel47.508.00048.600.00076 procent
Huisvesting3.852.0003.400.0005 procent
Automatisering7.383.0008.500.00013 procent
Overig materieel5.457.0003.600.0006 procent
Totaal64.200.00064.100.000
Beschikbare middelen64.200.00064.400.000
Resultaat0300.0000,47%
Brontabel als csv (354 bytes)

De belangrijkste redenen voor de afwijkingen op de verschillende kostensoorten zijn de volgende:

  • De effecten van het relatief grote aantal aanpassingen gedurende het jaar in de werkzaamheden;
  • Een aantal (extra) projecten in de sfeer van automatisering;
  • Een verschuiving van middelen van de post Overig materieel naar externe inhuur en uitbesteding specifiek voor automatisering.